Verveìftclìng en zuivering van LU*GT, 157
leed; maar de koperen Teerling weer heet gemaakt hebbende, en welzoo ver, dat der zelver hoeken begonnen te smelten, was de Lugt zoovergiftigd met den damp van de Kalamijnsteen, dat een ander Sijsje,in het Ontvang-glas gezet zijnde, in cwee Minuten stierf.
Toen zette ik de ijzeren Teerling in een Konfoor met Houtskool,,zoodat de Lugt niet in het uitgeput-te Ontvang-glas kon komen, zon-der eerst door de brandende kolen te gaan. Een ander Vogeltje gezetzijnde in de Lugt, die dus vervuild was, stierf in een oogenblik, eneen Kaars, in die Lugt neerzakkende, ging aanstonds uit, zuiveren-de ontrent een Duim van die Lugt. Een ander endje Kaars werd watlager neergelaten, en zuiverde de Lugt zoo laag, als het zakte , tot-dat vijf of zes endjes Kaars na elkander neerzakkende de Lugt ge-heel zuiverden ; zoodat 'er weer een Vogeltje in gezet werd, zondereenig ongemak te ondergaan.
Wanneer de Lugt in het Ontvang-glas werd gelaten door de vlamván Brandewijn, eer ze in de gloejende Teerling kwam, was ze voorhet Vogeltje zoo doodelijk, als de voorgaande.
De manier, waar op de Heer Hauksbee voorheen de Proef genomenhad, was de volgende. In een stuk geel Koper van de gedaante vaneen Azijn-üesje een gat geboord hebbende door den hals tot in het dik-ste gedeelte, lei hij het in een Konfoor met brandende hóuts-kolen, enstak 'er de Pijp in, die van het uitgepompte Ontvang-glas komt, wel-ke Pijp van geel Koper, zijnde hij voor smelten aan het stuk geel koperbewaarde met stukjes IJzer-draad te steken tuffen de Pijp en het stukkoper. De Kraan open gedraaid zijnde, om de Lugt in het Ontvang-glas in te laten, is het klaarblijkelijk, dat dit niet eenvoudig was eenbranding van Lugt, maar een vermenging van den damp van houts-kolen en geel-koper met de Lugt.
Wijle de Heer Worjter van branden van Lugt gelezen hebbende,maar niet van mijne manier om het te doen, verklaarde zig aanstondstegen de nieuwe vinding, die ik voorhad werkstellig te maken, zon-der mijn Boek gelezen te hebben: want ik wil niet onderstellen, dathij zig zo'o stellig zou verklaren tegen mijne manier om kamers te ver-warmen , indien hij mijn berigt van de gemelde Proeven had gelezen.De levendmakende Geeft , dien hij zei in de Lugt bevat te zijn, wasmaar een bewering van zijne eigen vinding zonder blijk: want DokterHoles heeft sedert bewezen, dat 'er zulk een ding niet is, als die Ie-
V z vend-