: Aanmerking op het SLINGER. PUNT. 181
haampjes zig bevinden ] wanneer het papier regt overend word gehou-den; en laat de Kragt, welke ditlighaam doet slingeren, de natuur-lijke Zwaarte-kragt, of eenige andere ingedrukte Kragt Lijn.
,, Nu wordt'er geëist een Punt te vinden, hetzij in, hetzij bui-„ ten dit lighaam (of deze verzameling van deeltjes) in welk indien„ al de Stof samengepakt was, de Slingeringen van dat Punt net in„ den zelfden tijd volbragt zouden worden,als die van het ilingeren-„ de lighaam met 'er daad volbragt worden.” Of om mij op een an-dere wijs uit te drukken. — „ Daar wordt geëist den afstand te vinden„ van den Slinger-as, op welken afstand dén lighaampje geplaatst zijn-„ de zijne Slingeringen door de Snelheid, die ’er aan gegeven zou wor-„ den door Zwaarte-kragt, of eenige andere ingedrukte Kragt, zou„ volbrengen in den zelfden tijd, als die van het slingerende lighaam„ volbragt worden.”
Men moet vooreerst aanmerken, dat, de Punten of lighaampjes A, B, Denz. , schoon ze hier ín de zelfde Vlakte zíjn , begrepen konnen wor-den, als in Vlaktens, die van elkander verschillen. Het is genoeg,dat men begrijpt, dat de Lijnen CA, CB, CD enz. der zei ver af-standen van den Slinger-as verbeelden, schoon deze Afstanden geme-ten worden uit bijzondere Punten van den As, welkes Doorsnijdingalleenlijk verbeeld wordt door C.
Laat G het gemeene Zwaarte-punt zijn van 't lighaam, of van deverzameling van lighaampjes, of Natuur-kenners Punten A>B,D enz.Het is vooreerst zeker, dat het Slinger-punt zijn moet in C G, naarden éénen of den anderen kant verlangd, indien het noodig is, zonderwelk het lighaam, wanneer het tot ruft gekomen is door den Weer-stand van de Vloei-stof» waar in het slingert, en de Schuring, die hethebben kan rondom het Hang-punt, niet stil zou hangen in het laag-ste Punt van den Boog, dien het beschrijft. Het is ook klaarblijkelijk,dat dat Slinger-punt aan den zelfden kant van het Hang-punt zijn moet,als het Zwaarte-punt, dewijl het zonder dat niet in Rust kan blijven,en vrijelijk ophangen, het welk gebeurt, wanneer de Lijn C G gaat' door dat Slinger-punt en door het Middelpunt van de aarde, of lieverdoor het Middelpunt, naar het welke alle zware lighamen neigen.Laten we eens onderstellen, dat dit geëiste Slinger-punt is in O, zon-der nog te bepalen, of het Punt O in, of buiten het lighaam zij. Hetis klaarblijkelijk, dat, dewijl de lighaampjes samengevoegd zijn, het-
.2 3