(REGISTER
Brand-speuiteiP, Beschrijving van de Brand-speuiten -van Nevosbam. III. 136. en volg.» der zelver bijzondere gedeeltens.
13S.
»... 1 n. Tafel van Brandspeuiten van ver-schillende groottens. 148.
. voordeelen boven andere Brand-speuiten. . 148-
Brandspiegel van den Heer Fillette ; eenigeProeven met den zelven genomen. III.
215-
Brandsteen. Des zelfs Aantrekking en Wegdrijving. I- 3^’
Brandfteen-kragt , Eledtricitas , is eigen aanvele lighamen, bij uitstek aan Glas. I. 36.— > hoe men de glazen buis moet be-handelen, om ze Brandsteen-kragt te ge-ven. 37 -
—- .... vele Proeven met zulk een buis ge-nomen. 38-
. werkt in het Lugtledige. 40.■, werkt op zeer groote afstan-
den , en wordt meêgedeeld aan veler-lei • lighamen , zelf aan den Zeilsteen.Werkt op den zelfden tijd verscheidenwegen heen. Is niet evenredig aan deHoeveelheid van Stof in lighamen. Werktook in een Cirkel , en wordt meêgedeeldaan bladeren van boomen , aan vogten endieren, en van het ééne lighaam verderen verder aan anderen, en werkt door vasteen digte lighamen heen. 1 . 41. A.
.. Beschrijving van dieKragt. II. 413.
, waar in eerst ontdekt; moet opge-
wekt worden door Vrijving ; alle ligha-men zijn uit zig zelven brandsleen-krag-tig, of brandsteenkragteloos. 414.
. verscheiden manieren, om te we-
ten , wanneer brandsteenkragtelooze lig-hamen Brandsteenkragt- gekregen hebben.
415.
Un glazen Buis in brandsleenkragtige
Proeven gebruikelijk ; hoe men weten kan,of de Buis genoeg gevreven zij. 416.»... .. Proeven met de gevreven Buis;beurtelingse Aantrekking en Wegdrijvingvan kleine lighaampjes op een Gerridont-je geplaatst. 417-
r tuisen twee plankjes. 420.
. .. - -, '... op een groote tafel.. 421..
van Z A K EN.
Brandsteen-kragt ; Aantrekking en Wegdrijvingvan de Vezels van een Donsveertje; ondereen glazen Klok. II. 418.
—* — gevoel van de Uitvloeiselen van deBuis. 419.
—— wanneer de Lugt uit de Buis gehaaldis. 420.
— -- met een vogtige Lugt slaagt de Proef
niet; wat 'er gebeure met een half nat ge-maakte Buis. 42 r.
-- heft het Water in een Glas op ; geeft
Ligt in het donker. 421.
——— trekt een fijn Fontein Straaltje aan.
'422.
— meêgedeeld aan lighamen , die uitzig zelve brandsteen-kragteloos zijn, doormiddel van een Leier , die brandsteen-kragteloos is, en rust op Schoren, die uitzig zelve brandsteen-kragtig zijn , tot eenzeer groote lengte. 422.
- -- ——— in bogten ; in de gedaante van een*
ster; een ijzeren staaf met drie punten geeftligt en gevoelige Uitvloeiselen uit,de driepunten. ' 423. -
— —- een mens , aan haairstrengen opge-hangen, wordt brandsteen-kragtig door hetbijbrengen van de Buis. 424.
.. de Buis deelt Brandsteenkragt meê
aan een hoepel, waar door de Leier gaat;,aan een Fontein Straaltje; aan drie ijzerenstaven ; aan een tak van een boom metzijne bladeren. 425.
— ■ - - maakt een mens, op een koek vanHars en Was staande, brandsteen-kragtig,welke die Kragt meê kan deelen aan ver-scheiden mensen, op Harskoeken staande.
42 6 ,
— » " Brandsteen-kragtige lighamen wor-
den brandsleen-kragteloos, indien men zenat maakt. 427,
——— sommige lighamen schijnen uit zigzelve brandsteen-kragteloos, maar welgedroogd zijnde worden ze brandsteen-kragtig. 429..
- daar schijnt in*de Verschijnselen een
zekere grilligheid te wezen, dog die weiop te lollen is. .
onderscheid tussen Brandsteen-kragt'van Glas en Lak. 440.
Brand-