V
REGISTER van ZAKEN.
Brandjieen-kragt , verklaring van eenige vreem-de omstandigheden in de Proeven. II. 431.gissing over de oorzaak
sleen-kragt.
-- berigt van
vast Brand-434 -
de Schrijveren , die overde Brandsteen-kragt geschreven hebben.
436 .
>—— ——- aanhangsel van dat berigt. 438.
en volg. A.
— —- vlamverwekkende Proeven. 439.
A. b.
» - Werktuig om Proeven van de Brand-
steenkragt te nemen. 440. A. b.
-- Lugt is brandsteen-kragtig. 451.
Bron. Berigt van Dr. Jo. Atwell van Bron-nen, die ebben en vloejen enz. II. 180.Buizen, zie Pijpen.
Bus-kruit, Zie Kruit.
de Vrij-I. ISS-
^jiamus. Zijne Proeven wegensving enz.
Cartefius, zie Kartejius,
Cqffini. Zijne stelling, dat de Aarde op dePolen hooger is, dan op den Linie-cirkel,weêrlegd. I. 454. A.
—— zijne Barometer. II. 331.
Casvoell; een Voorstel van hem ontrent deWaterweging. • II. 256.
» . . zijne Barometer. 333.
Cawley en Nevocomen , verbeteraars van '’tVuurtuig. III. 82.
Celidograjie , zie Venusbescbrijving.
Cirkel - Jlinger , Pendulum circulare. Maniervan werken van dit Instrument. I. 372.Cirkel-trek , ( Cycloïs) des zelfs beschrijvingen verscheiden eigenschappen. I. 441.
- - ■ is onder anderen de Lijn van de snel-ste daling. I. 444.
Clarke ( Samuel ) aangehaald wegens de gant-se Kragt van lichamen enz. I. 365. A. b.■ ■ . ( f, ) Kunstdrajer ; zijn Waterweger.
II. 224. A.
» - — ■■ ' ■ ■ ' » zijnerStavenin eenSchijf-
loop. III. 47. A. b.
Cowley Stroom ; meting van de Hoeveelheidvan Water, die de zelve geeft in een be-paalden tijd, III. 11.
D.
van een huis met Lood , Koper ofHout te dekken. .Uitrekening hoeveelLood, Koper of Hout men noodig hebbe.
II. 245.
Dampen \ I. Verhandeling over de oorzaakvan der zelver opklimming. II. 400. en
volg.
— II. Verhandeling. 440. en volg.
— bestaan niet uit kleine Waterbclletjes.
453 -
— Proeven om Dampen uit Mijnen te trek-ken. III. 161-164.
Dampkring , wat die zij. II. jöi.
— .. bestaat uit oneindig bijzondere
deeltjes. 160. A. a.
- -— wordt verdund door de warmte van
het Aardrijk ; is niet altijd beneden koudst.
1C0. A.
--—— is dikst kort bij de aarde, wanneer
de aarde niet merkelijk verhit is. 16 r.
Daude ( Pieter ). Zijne Uitrekening van deDrukking op den ,-As van een Katrol enWind as. ■ I. 137. A.
Deelbaarheid van Stof in 't oneindige, schoonde Stof niet met ’er daad in ’t oneindigeverdeeld worde. I. 6 . l\.
—— — van Stof door Kunst. 10. A.
De la Deuille en GoJJet ; hunne Pomp meteen Zuiger zonder Schuring. 11L 129.
Deskartes, zie Kartejius.
Deur, aangemerkt als een Hefboom van detweede soort, gelijk ook de Klink van eenDeur. I. 123. A. b.
Diamanten met welk Weer zwaarst wegen.
II. 238. A.
Dieren worden onderhouden en gevoed doorLugt in een vastgelegden en veerkragti-gen slaat. II. 490.
—zeer teedere dieren zelf, schoon zein een lugtledige plaats niet konnen le-vep, konnen egter een verdikte Lugt ver-dragen. II. 503.
—— waarom in stilstaande Lugt sterven.
5 ° 3 -
Diertjes meer in de Hom vaneen Kabeljaauw,dan ’er mensen op den aardbodem zijn.
De