Japnn isby de Ou-den nietbekentgewcett.
/
rr I N L E Y D I N G
handel en gemeenschap met vreemde landen, dan wanneer het vry en voordezelve open hond.
Het is niet waarschynlyk dat de ouden eenige kennis hebben gehad vande Eylanden van Japan, ten minsten niet voor noch in de tyden van Tto-lomaus , die bloeyde onder Trajanus , Adrïanus , en AntoniusTiustQ A-lexandrien , (een vermaarde School van geleerdheid, en een der uyr-muntendlle Koopsteden in’t Romeinsche Ryk, ja zelf een groote stapelmarkt van Indiaansche waaren) en die door het verbeteren der werken vanStrabo , Tlinius , Tomponius Mela , Marinus van Tyr en van andere land-beschryvers voor hem,en door alle de gedeeltens van de toen bekende wae-reld te brengen tot de bequame graaden van de lengte en breedte,de Land-beschryving gesteh heeft in den heldersten dag, welke ze in dien tyd heb-ben kon. Deze Schryver gewaagt van de Landschappen der Scres ende Si-n# (ongetwystelt het Ryk van China , misschien met een gedeelte van hetGroot Tartaryen ten noorden, en de Koninkryken van Tunquin en Cochin -chïna ten zuyden) als van het uytterste gedeelte van Aßen Oostwaards, datin zyne dagen was bekent, en hy zegt uitdrukkelyk,dat de grensdenten Oosten, en de Sina beide ten Oosten en ten zuyden aan yw dyw?tv, eenonbekent Landschap, ’t welk schynt te verstaan te geven dat zy toen nietcens wisten, dat China door den Indiaanschen Oceaan aan het Oosten grensde,en dat zy gevolglyk volkomen onkundig hebben moeten zyn in alle dieLanden en Eylanden, welke zedert dien tyd zyn ontdekt, buyten de Ooster-sche kusten van dit Ryk.
ik weet zeer wel, dat sommige uytleggers van Ttolomaus anders hebbengèoordeelt, en zekerlyk was'er een ruym veld opengelaten voor gistingen,nadien hy gemeldt en genoemthad veele Eylanden, leggende in de IndischeZee, welker gelegentheid hy niet aanwyst, en waarlyk in geen staat wasom het te doen met een genoegzame naauwkeurigheid. Tot een Staaltjeuyt veele; de Heer de LTfle ,heeft aan de Oude Landbefchryvers een zeerdiepe plichtbewyzing gemaakt in zyne kaart van deze waereld-deelen, wel-ke hy stelt, dat hen zyn bekent geweest. Hy verbeeld zich dat de InsiulaManiola, welke Vtolomaus zegt dat bewoont wierden door Anthropopha-gie Cannibale, de Philippynsche Eylanden zyn, waarvan het voornaamstetot op dezen huydigen dag genoemt word Manilhas, dat de drie EylandenSatyrorum de Eylanden zyn van Japan , dat door de Sinus Magnus moetworden verstaan de Baay van Tonquin ; en door Terra Incognita (in ’t vier-de hoofdstuk van ’t zevende boek zyner Aardryks-beschryving, gemeldt)het Land Jeffo of Kamfchatka, gelyk de Russen het noemen,het welk eenonbekent Land gebleven is tot nu zedert deze weinige voorledene jaaren.Ikzoude zeer gewillig zyn geweest my te onderwerpen aan zulken goeden ge-zag, zelfs in een stuk, waar van de beslissing op het beste afhangt van wei-nig meer dan gistingen, maar, op de onderzoeking van den oorspronkely-ken text van Ttolomaus schynt het my toe, dat dese stelling al te onbestaan-baar is met de gelegentheid der plaatsen, zo als ze ter neergelegt word doordezen vermaarden Aardryks-beschryver, om eenige overeenbrenging toe telaaten, al stond men zelf toe al wat men wilde, aan den kindschen Staat vande Aardbeschryving in die dagen. De Infiula Maniola , by voorbeeld,worden door Ttolomaus geplaatst op vyftien graaden Westwaards van hetAurea Cherfonefiis, ’t welk van elk epn toegestemt word dat het is het halfEyland van Malacca , en meerdan op twintig graaden van de Sinus Mag-nus'. de drie Infula Satyrorum, gelegen tegen over de Sinus Magnus, enbeide deze Eylanden ten Zuyden van den Evennachts Linie, ’t welk hetten hoogsten onwaarschynlyk, indien niet volstrektelyk onmogelyk maakt,