Buch 
De Beschryving Van Japan : Behelsende Een Verhaal Van Den Ouden En Tegenwoordigen Staat en Regeering van dat Ryk, Van DeszelfsTempels, Paleysen, Kasteelen En Andere Gebouwen; van deszelfs Metalen, Mineralen, Bommen, Planten, Dieren, Vogelen en Visschen. Van de Tydrekening, en Opvolging van de Gestelyke en Wereldlyke Keyzers. Van De Oorspronkelyke Aftamming, Godsdiensten, Gewoonten en Handwerkselen der Inboorlingen, en van hunnen Koophandel met de Nederlanders en de Chineesen.Benevens eene Beschryving van het Koningryk Siam / In't Hoogduytsch beschreven door Engelbert Kaempfer ... Uyt het oorspronkelyk Hoogduytsch Handschrift, nooit de vooren gedruckt, in het Engelsch overgezet, door, J. G. Scheuchzer ... voorzein met kunstige Kopere Platen, Onder het opzicht van den Ridder Hans Sloane uytgegeven, En uyt het Engelsch in't Nederduytsch verstaalt. Het Leven van den Schryver / J. G. Scheuchzer
Entstehung
Seite
45
JPEG-Download
 

DER FIGUURER.

45

is eetl gedeelte van de achterpoot van de Krabbe in de *.y%-na het levenafgebeelt zie bladzyde ioo.

Alle de figuren van de 9. tot 14. Tafel (uytgezondert de 6 - en j.fig. in detiende <Plaat en A- op de 14. Plaat) zyn afgetekent, naar de Origineelen *door de Japoneesen en de Chineesen gemaakt, welke noch te zien zyn on-der de verzameling der buytenlandsche Rarigheden van den Ridder Hans

15-. Tafel , In de bovenste regel van deze plaat ziet nien de Karacters ofmerktekenen van de tien Elementen of Hoofdstofifen der Chineesen en Ja-poneesen: In de twee eerste Colommen van de linkerhand, de Karacters dertwaalf Hemelstekenen. In de overige Colommen * beginnende van derechterhand, ziet men de Karacters van yder byzonder jaar in den Cyclusof omloop van zestig jaaren, welke by de Chineesen en Japoneesen ge-bruykt worden, gelyk ze voorkomt uyt een insmelting der Karacters vande Elementen met die der Hemelstekenen.

16. Tafel , I. II. De namen van de tweede opvolging der GodhedenBladzyde 103. afgcbeeldt en vertoont in betekenende en geleerde Karac-ters. III. De Naamen van sommige Chineesche Keyzers, waarvan gewagword gemaakt in het eerste Hoofdstuk van het tweede Boek. IV. De Naa-men van alle de Geestelyke Erf keyzers van Japan , van den tyd van Sin^mu af, die de Regeering aanvaarde in het 660. jaar voor de geboorte J.C.tot aan Ktnfen , die op den Throon zat, toen c Doffor Kamp ferm Japanwas. V. De Eertytels van den Geestelyken Erskeyzer of liever den Pausvan Japan. Deze plaat moet staan op Bladzyde ioö.

17. Tafel, Eene afbeelding van Matfujfma, een Sintos Tempel, dienen-de tot opheldering vant geene op bladzyde 147. en vervolgens beschrevenis, geteekeht naar een Japansch Origineel. A. Is een vertooning vaneenTory , of Poort van den Tempel.

18. Tafel , De Tempel van Ten Sio Tiai Sin te Isje op bladzyde 160. wer-waards de Japoneesers menigvuldige Beedevaarten doen, getekent naareen van hunne eige origineele Schilderyen.

19. Tafel , Kaart van de Stad Nagafaki en vant omleggend Land, intbreede beschreven bladzyde 180. en vervolgens, naar eene groote Kaart in Ja-pan gemaakt, hier beknopt by een getrokken. Op de voorgrondt ziet menverschelde soorten van gangbaare muntspetien int Ryk van Japan : te wek-ten A. een Obani in Goudt, welke gangbaar is voor tien Kobants hoe welze 'er maar 9* weegt. Op vier byzondere plaatsen draagt ze het Wapen-schild van den Dairi , en zulke trekken of lynen als de figuur vertoont,op deslelfs oppervlakte ingesneden: B. vertoont de eene zyde van de As-bani of Cobang , welke ook van goudt is gemaakt, ontrent drieëntwintiggulden tien stuyvers Hollands j oftusschen de een en twee en veertig En-gelsche schellingen waerdig; behalven de lynen en strepen gelyk de voor-gaande heeft ze noch deze indrukselen ^ het Wapenschild van denDairi,b een merk aantonende de waerde van het Stuk- c Midstfugu de naam vanden Muntmeester te Jedo en Suruga , afgebeelt in Sfo Karacters, C de an-dere zyde van d eKobani, waarop het werk is van den algemeenen op-ziender overt goud en zilvergeldt; de andere tekenen aan weerzyden zynmerken van byzondere Persoonen, uyt welke merken men zien kan, of zedoor hunne handen zyn gegaan , dan niet. De Japoneesers hebben liefstde Kobams die tot Jedo gemaakt zyn, welke groote streepen hebben, maarde vreemdelingen houden meer van de andere. Zy nemen de proef ofdezelve goed zyn, of door ze tegen hunne borst te houden, waar aan deeerste zeer vast zullen kleeven, of door ze tegen de tanden te kletsen, en

ra ook