Buch 
Den eersten boeck van Architecturen : [aus dem Italienischen ins Niederländische]
Entstehung
JPEG-Download
 

Den beminders der Architecturen.Uso Vittumius seyt / dat de ghene die sonder letteren ende geleertheyt gebout hebben/ al hebbenstoock vanderhant meesters geweest/ en hebben geen vermeert werck connen gemaken: so en hebben oock andere gheen hantwerckers sijnde/ ende die hun alleene opde lettere verlaten hebben,maer den schijn geuolcht/ ende niet dat beproefde: der welcker sommighe/ al hebbenst Vitrumimvoergenomen te comenteren ende figureren/ so en hebben se midts diuersche texten diemen daeraevindt/ haer reglen niet connen gelijckelijck besluyten/ maer hebben veel dingen in twijfel ghela-ten/ ende dat meer is/ hebben voer goet aengesien tgene dat int werck niet staen en mach: Ende de oorsake van de-ser dalingen is/ dat het leste boeck desselfs Oitruij inhoudende de fiqueren/ verloren is/ waerby datmen sijn meyninge te vollen bekent soude hebben. Hieromme schijnet dat sommige Antiquen seer bloode geweest hebben inhaer wercken/ ende besondere inde ordine vande Dorica : want/ om dat Vittrunius gheen Dorice vase en noempt/maer wel in die plaetse/ van een Attica tracteert (mogelijck niet aensiende dathi daer geen ordine van Attica enbescrijft) so en hebbense der Dorijscer colommen geen basen dorren maken: ter contrarien andere / mogelijck deduysterheyt vanden texten verachtende/ oft oock duer ongeleertheyt/ sijn so verre buyten streuen gegaen in ve-le dingen/ datse niet alleene de redene ende exemplen der goeder Antiquen en hebben verlaten/ maer hebben vouendatte haer werck monstrueus ende onbeuallijck der oogen gemaect/ gelijckmen dese erroren inden Antiquen sienmach. Waerduere beminde lesere dat hun veel Architeeten in beyden geleert sijnde / daer ouer becommert heb-ben/ ende by sondre in desen onsen tijden Beamant van Casteldurante/ Balthasar van Sienen/ ende meer andere/ midtsdat/ so duer Julie ij. P. M. / als duer andere / de Architerture grootelijck opgestaen is tot haren tijden: dewelc-ke dan/ na lange disputeren ende ondersoecken/ so ouer menigerley texten/ als cömenten/ tsamen met den exemplider goeder Antiquen/ hebben met auctoriteyt (om der saken een eynde te makene) niet alleene de spira attica/der Dorica toegevoecht / maer oock so veel oerdinen alsser int gebruyck sijn / beghinnende aende Thuscane alsde grosste/ tot aen dalder teerderste/ die selue in een gemeen regle ende sekere forme gesedt/ met haren ornamentenende maten: dewelcke reglen/ Sebastian Serlius Architekt ende discipal des genoemden Balthasars / bescreuen endein figuren gestelt heeft/ also dat wij / achterlatende de duysterheden Vitruuij/ hier deure mogen een onstraffelijckwerck maken. Gemerct dan dat alle lief hebbers der Architecturen geen Italiaens en verstaen/ so heb ick de-se (na mijn verder) aldersekerste ende claerste Reglen wt den Italiaensee in nederlants ouergesedt/ behaluen denamen van allen porceelen/ der basen/ capiteelen/ cornicen etc. die en hebbick niet verduytst/ hoe wel dat Bastiaenbyde vocablen Vitruuij de gevseerde moderne vocablen van Italien sedt / der welcker wij sommige so qualijckverstaen souden als de Latijnsche: waeromme dat ick prüsen soude / aengesien dat wij dees maniere van Vitrimain serifte ontfangen hebben/ datmen hem der namen Vitruuij gewende / op dat de gheleerde vanden werckmanende de werckman vanden geleerden verstaen worden. Oock op dat den ghemeenen man leselijcker sijn soude / sohebbicken in brabantsche lettere gedruct. En hoe wel dat desen vierden voeck van seuen eerst wtgegeuen wort/midts dat hi den oerboerlijcsten is/ so en sijn nochtans die andere niet min behulpich totter Architevuren oftconste van metsselrijen/ gelijckmen inde navolgende voerrede sal mogen vernemen.TSELVEÇOR. GRAPHEVSLECTORI.AENDEN LESER.Schilders, Beeldensnyders, Architekten vroet,Pictores, Statuarij, Architecti,Ende oock ghy Steenhouwers, ghy Smeden sterckEt vos ò Latomi, ò Fabri, expetitamLiefhebbers der Symmetrien conste soet,Quotquot Symmetriam probatis, eiaComt hier, compt besiet dit constelijck niewe werckHuc adeste alacres, nouum hunc laboremBesiet desen nieuwen schat in dees boecx perck,spectate, huncce nouum videre laetiCoopt desen rijckdom om eenen penninck cleyn,Thesaurum, exiguoque comparateHy is nochtans seer dierbaer voer leeck oft clerckAEre has diuitias, bene aestimandasHier in suldy vinden claer als den dach reynIngenti precio: hîc meridianoWaer in ons Vitruuius dat edel greynPhoebo lucidius queat videri,In de geheele sijn constige boeckenQuicquid toto opere in VitruuianoSchijnt swaer te sine, en int verstant niet pleyn,Aut sit difficile, aut male explicatum,Oft niet volmaect in al sijn scriuens hoecken,Aut non sufficiens, minusque nostrisOft tonsen tijden niet nut, Spaert nu tsoeckenAptum temporibus: nihil deest iam,Daer'nes niet meer swaers, niet duysters ouer al,Nil iam difficile, aut tenebricosumHy is nu luchtich en claer, so breet so smal.In libris legitur Vitruuianis